Urine inleveren

Wanneer levert u urine in?

U kunt urine inleveren bij de assistente als u klachten heeft die kunnen wijzen op een urineweginfectie.

Bijvoorbeeld:

  • vaak kleine beetjes plassen,
  • pijn of een branderig gevoel bij het plassen,
  • bij mannen: een zwakke straal of niet meer kunnen plassen.

 

Soms vraagt de huisarts om uw urine te laten onderzoeken.

Lever uw urine in:

  • in een origineel potje (verkrijgbaar bij de assistente),
  • met uw naam en geboortedatum op het potje,
  • in de urinebak op de balie.


Na het inleveren kunt u meteen een nieuw potje krijgen voor de volgende keer.

Instructies voor het opvangen van urine

Voor vrouwen

  1. Was de schaamstreek goed met lauwwarm water onder de douche of met een schoon washandje.
  2. Spreid de schaamlippen met uw vingers, zodat de urine niet langs de huid loopt. Dit voorkomt dat er bacteriën in het potje komen.
  3. Plas het eerste beetje urine weg.
  4. Vang daarna de rest van de urine op in het potje.
  5. Vul het potje ongeveer voor de helft.
  6. Schrijf uw naam en geboortedatum op het potje (of gebruik een sticker van de assistente).
  7. Zet het potje in de urinebak en vul het vragenformulier in.

Voor mannen

  1. Trek de voorhuid terug en was de penis goed met lauwwarm water of met een schoon washandje.
  2. Houd de voorhuid tijdens het plassen naar achteren om bacteriën te voorkomen.
  3. Plas het eerste beetje urine weg.
  4. Vang daarna de rest van de urine op in het potje.
  5. Vul het potje ongeveer voor de helft.
  6. Schrijf uw naam en geboortedatum op het potje (of gebruik een sticker van de assistente).
  7. Zet het potje in de urinebak en vul het vragenformulier in.

Belangrijke tips

  • Gebruik bij voorkeur uw ochtendurine.
  • Bewaar het potje in de koelkast (2–8 °C) tot u het inlevert.
  • Lever de urine binnen 2 uur na het opvangen in, om groei van bacteriën te voorkomen.


Graag voor 11.00 uur inleveren bij de praktijk.